Catalina Island Camps
Los Angeles was één en al luxe en gemak, erg leuk, maar het was tijd voor iets anders. Iets compleet anders. ’s Ochtends vroeg werden we afgezet in de haven van Marina del Rey, waar we de ferry zouden nemen naar Catalina Island.
Mijn broer Sasha is bevriend met een van de kampleiders van CELP, een organisatie dat gericht is op milieubewustmaking en marinebiologie. Basisscholen en middelbare scholen komen er naartoe om over de natuur en met name over de zee te leren. Ook zijn er regelmatig vrijwilligers te vinden van verschillende universiteiten. Het weekend dat wij er waren, waren er geen scholen, maar was er wel de eerste dag nog een grote groep studenten en natuurlijk de andere medewerkers.
Lissa, mijn broers vriendin, werkt al een aantal seizoenen bij de Catalina Island Camp en tijdens deze seizoenen woont ze ook op het eiland. Ongeveer vier maanden per jaar sluit het kamp en gaan alle medewerkers terug naar het vasteland totdat het volgende seizoen begint.
De overtocht op de ferry was prima. Onderweg werden we twee keer omringd door een groep dolfijnen, wat ik natuurlijk geweldig vond!
We werden vanaf de haven op Catalina Island opgehaald door een speedboot en naar het kamp gevaren, waar we net op tijd voor de lunch aankwamen. Na het middagmaal brachten we onze spullen naar Reef, een huisje waar Sasha, Mait en ik zouden slapen. Het was erg simpel: kasten en stapelbedden met blauw zeil voor de ramen. Wij hadden een kampleidinghuisje en daar hadden we geluk mee, want de huisjes voor de kinderen hebben gordijnen in plaats van deuren. Aangezien er vosjes en elanden rondlopen, vond ik een deur toch wel fijn.
Die middag gingen we kajakken. Ik heb sinds het Jordanese kanokamp enkele jaren terug, iets tegen kajakken en kanoën, maar ik kan niet ontkennen dat dit erg leuk was. Het hoogtepunt was zonder twijfel toen er een paar meter voor ons een zeeleeuw opdook. Hij keek even, dook weer onder, kwam iets dichterbij weer naar boven en verdween toen weer. We gingen verder en stopten even op een strand, voordat we omkeerden.
Na het avondeten maakten Maite en ik nog een korte wandeling met Lissa en een paar andere medewerkers van CELP. Het waren allemaal erg aardige en relaxte mensen, waar we het goed mee konden vinden. We volgden een kleine, verstopt pad genaamd the Fox Trail en toen ik vroeg waarom het zo heet, bleek dat het pad door de vossen is gemaakt. Helaas kreeg ik geen vos te zien, maar het was wel een erg gezellige avond.
De volgende ochtend besloten Maite en ik om te gaan moutainbiken. Er waren genoeg fietsen te leen en Lissa wist een mooie route voor ons. Het enige probleem was dat een deel van die route afgezet was voor de ‘gewone’ bezoekers; je moest een permit hebben om er te fietsen of wandelen. Ondanks dat ik er een beetje nerveus van werd dat ze ons waarschuwde om rangers te ontwijken, lieten we ons niet ontmoedigen en trokken er met een hoop penutbutter and jelly sandwiches op uit.
Het landschap was prachtig. We fietsen langs de kustlijn; rechts van ons waren kliffen en de zee en links van ons hoge groene heuvels. Na ongeveer een half uur herkenden we het pad die we moesten nemen om naar Parsons Landing te komen, een verlaten strand waarvan Lissa zei dat het zeker de moeite waard was. We verstopten onze fietsen en trokken de heuvel op. Na een tijd te hebben gewandeld kwamen we aan op het strand en het was zeker de moeite waard. Ingesloten door hoge rotsen en heuvel en erg stil en vreedzaam. We lazen er een poos en aten onze boterhammen. Helaas was het die dag bewolkt en als je stilzat best koud, dus moesten we op een gegeven moment weer verder om op te warmen.
Na een paar uur gelezen te hebben in het kamp en ondertussen veel te hebben getwijfeld, besloten we om te gaan snorkelen. Zoals ik net al zei: het was die dag niet warm. Toen we de vorige dag tot onze knieën het water in moesten om in de kajak te komen, hadden we het al ijskoud. Vandaar dat we twijfelden. Maar Catalina Island staat bekend om het ‘zeewieroerwoud’ onder water en sommige zeggen zelfs dat het de beste plek is om te gaan snorkelen. Koud of niet, we gingen het zeker proberen!
Snorkelen in koud water kan natuurlijk niet zonder een wetsuite. En Maite en ik hebben geleerd dat een wetsuite aantrekken erg veel moeite kan kosten. Eerst trek je laag één aan, een wetsuite met lange mouwen en die je benen bedekt. Dan laag twee: een wetsuite met korte mouwen en die je onderbenen niet bedekt. Daarna nog wetsuitschoenen, een soort sokken en een maffe hoofdmuts ding. Om het beeld compleet te maken: flippers en de bril en snorkel. Al met al: we zagen er belachelijk uit en mijn broer had een fotocamera bij zich om het vast te leggen.
Onze eerste stappen in het water waren behoorlijk koud, maar Lissa had gelijk toen ze zei dat het water tussen je lichaam en de wetsuite snel opwarmt. Zodra dit gebeurde viel het heel erg mee en wat je zag onder water, deed je de kou toch wel vergeten. Er zwommen veel knaloranje vissen voorbij genaamd Catalina Gibraltars, een beschermde vissoort. We zagen het zeewieroerwoud, twee roggen en zelfs een kleine haai. Ook bracht Lissa een zeekomkommer naar boven die we even konden aanraken, slijmerig, en een paar mooie schelpen. Het was een fantastische ervaring en we waren allebei zo ontzettend blij dat we niet saai aan land waren gebleven die middag.
’s Avonds keken we nog met de groep een film, terwijl we warme chocolademelk dronken en daarna vielen we uitgeput in slaap.
Onze laatste dag op het eiland brak die zondag alweer aan. Tenminste, dat hoorde zo te zijn. Er was een storm op komst en de zee was erg ruig, dus of onze ferry zou gaan was nog een beetje onzeker. Rond het middaguur belde Sasha op en hoorde dat onze boot geannuleerd was. Gelukkig lukte het hem om ons op een andere ferry te krijgen die iets eerder vertrok. We moesten maar duimen dat die wel ging, want anders zouden Maite en Sasha zeker hun vluchten van de volgende ochtend missen.
Met een paar mensen reden we naar de haven, een enigszins enge rit zo vlak langs de kliffen bochten maken in best een hoog tempo. Maar we kwamen aan, kregen onze kaartjes en tot onze opluchting leek de ferry gewoon te gaan. Alleen kwamen we er erg snel achter waarom onze oorspronkelijke ferry was geannuleerd. De golven waren onvoorstelbaar, en dat zonder twijfel in een negatieve zin. Ze knalden tegen onze boot op, gooiden het de lucht in alsof het niks woog en verdwenen net lang genoeg zodat het boot weer naar beneden op de wateroppervlakte kon stortten. Het was verschrikkelijk. Zo verschrikkelijk dat het erg vergelijkbaar was met mijn ER wachtkamer-ervaring in hel. Velen werden zeeziek, anderen (volwassenen!) waren zo bang dat het eng was om naar ze te kijken en het gejoel ging van opgewonden naar gespannen. Af en toe wist ik zeker dat we zouden omslaan. Je kunt je niet voorstellen hoe opgelucht we waren om vastland te bereiken – dat nooit meer.
Toch moet ik toegeven dat het een avontuurlijk eind was van een avontuurlijk weekend. Catalina Island was een wereld van verschil met Los Angeles, of eigenlijk een wereld van verschil met alles wat ik tot nu toe van Amerika heb gezien. De manier waarop de inwoners van het eiland temidden van de natuur leven en hoeveel ze hun omgeving respecteren, vind ik erg bijzonder. Ik ben zeker van plan om er ooit terug te keren.
Beverly Hills 90210
Op 13 maart begon Spring Break 2009 officieel. Maite en ik keken er al bijna een jaar naar uit en nu was het eindelijk zo ver. Los Angeles here we come! Of liever gezegd: Beverly Hills 90210 here we come. Jawel, voor tien dagen zou 90210 onze postcode zijn. We gingen onze spring break namelijk doorbrengen in het huis van Hillel Laks, een beroemde hartchirurg en een goede vriend van mijn vader.
Het huis was (bijna vanzelfsprekend) prachtig en groot. Onze logeerkamer had meer weg van een hotelkamer en Hillel en zijn vriendin Eva deden meteen hun best om ons thuis te laten voelen. Onze eerste dag in LA bleven we in Beverly Hills en brachten we door op Rodeo Drive – ik kan het niet laten om te zeggen dat deze beroemde winkelstraat om de hoek is van Hillel’s huis. We liepen er wat rond en keken vol bewondering naar de winkels van alle belachelijk dure ontwerpers. Eigenlijk durfden we nergens naar binnen te gaan, zo chic en prijzig zag alles eruit.
Die avond zette Eva ons af bij the Grove, een lange straat met leuke (en betaalbare) winkels. Het was al donker toen we aankwamen en er hing een heel gezellige sfeer. Mooie lampjes, vrolijke mensen en vanuit de bosjes kwam prachtig muziek. Ja, ik schreef inderdaad vanuit de bosjes; raar maar waar – het gaf een erg Eftelingachtig gevoel. We brachten er een deel van de avond door en hadden het erg naar ons zin.
Dag twee begon met een kort bezoek aan Venice, waar Eva’s huis staat, en daarna afgezet worden op de pier tussen Santa Monica en Venice. Mait herkende de pier meteen van the OC en het strandhuisje iets verderop ook. We brachten het eerste deel van de ochtend door bij de kermis op de pier met het doen van een paar typische kermisdingen. Wat spelletjes spelen, maf doen in een erg verwarrend fotohokje en we hebben onze toekomst laten voorspellen door Zoltar. Maite needs to look on the bright side of life and I need to start that business plan I have been thinking about. Oké…
We liepen Santa Monica in, lunchten ergens en liepen daarna naar 3rd avenue – een ander bekende winkelstraat. Toen we langs een bioscoop liepen waarop stond dat Coraline 3D over een half uur zou beginnen, besloten we meteen om erheen te gaan. Na onze wanhopig mislukte poging in New York waren we erg trots op het gemak waarmee we in LA toch de film konden kijken. Het 3D maakte het zeker leuker en we zagen er behoorlijk gaaf uit met onze brillen op – haha.
’s Avonds gingen we met Hillel en Eva uit eten in een erg leuk restaurant genaamd Lilly’s. Het chocolademousse is me het meest bijgebleven van dat etentje
In Los Angeles is iedereen het eens met het gezegde: car is king Er was Maite en mij verteld dat het behoorlijk moeilijk zou zijn om ook maar ergens te komen zonder eigen vervoer. Hillel had een auto voor ons klaarstaan en was erg verbaasd dat we geen rijbewijs hadden. Iedereen in LA heeft een rijbewijs en een auto. Maar het bleek dat we ons nergens zorgen over hadden hoeven maken: binnen tien minuten had Maite uitgezocht hoe we van Beverly Hills naar Hollywood konden komen met de bus.
Dag drie brachten we dus door op Hollywood Boulevard; op the Walk of Fame. We namen foto’s van de sterren die zijn geplaatst voor verschillende beroemdheden en van de hand- en voetafdrukken van beroemdheden bij the Chinese Theater. Ook zagen we vanaf deze straat voor het eerst sinds onze bezoek de Hollywood Sign. Na een paar uur rondlopen en Elvis, Marilyn Monroe, Batman, Spiderman etc te hebben ontmoet, vonden we in een zijstraat een heel leuke café: Audrey’s. Het is een café ter ere van Audrey Hepburn, duidelijk gemaakt door een muur vol prachtige foto’s van haar, en het is een goede plek voor een kop koffie.
De volgende dag besloten we dat het tijd was om nu eens echt de toerist te gaan uithangen. Ik heb altijd al zo een belachelijk afgezaagde rondleiding in een knalrode dubbeldekkerbus met open dak willen maken. En waar kan dat beter dan in LA? We werden opgehaald bij de Beverly Hills oude postkantoor en reden door de stad heen. We zagen verschillende studio’s, Melrose Avenue, the Grove weer, Hollywood Boulevard weer en een aantal beroemde kroegen waar veel bands echt zijn begonnen. Het was misschien afgezaagd, maar we hebben heel veel lol gehad. Je moet je er gewoon even overheen zetten hoe belachelijk toeristisch je eruit ziet, zo op de tweede verdieping van een knalrode dubbeldekker.
Op dag vijf stonden we erg vroeg op om de bus naar Universal Studio’s te pakken. Rond kwart over acht kwamen we aan en tot onze verbazing was het compleet verlaten. Alleen een paar werknemers liepen er rond en ze waren de rode loper voor de ingang zelfs nog aan het stofzuigen. He? Ik had twee keer gecheckt en op de site stond dat het om acht uur openging. Maar nee: het bleek tien uur te zijn. Oops…
Na twee uur te hebben gelezen mochten we eindelijk het park in en onze Front of Line credentials halen. Maite en ik hadden het geluk om voor ietsjes meer geld een kaartje te kunnen kopen die ons voorrang zou geven in alle rijen en die plekken gereserveerd zou houden voor alle shows. We voelden ons heel wat met die privileges.
Onze Universal Adventure begon met een toer van de studio’s en een paar van de buiten sets. We reden over een brug heen die opeens instortte, werden door de haai van Jaws aangevallen, kwamen plotseling in een regenbui terecht, zagen een dorpje overstroomd worden en een aardbeving een metrostation vernietigen. We reden door een filmset dat is gebruikt voor een film waarin een vliegtuig neerstort in een woonwijk, door Woo-ville uit het film the Grinch en langs sets die gebruikt worden voor Europese steden. Het grappige aan deze ‘Europese’ sets is dat het enige wat ze er ooit aan veranderen de straatborden zijn. Het bevestigd dat Amerikanen denken dat alle Europese steden identiek zijn. We kregen tijdens onze toer ook een heel klein beetje van Wisteria Lane (Desperate Housewives) te zien, maar helaas lang niet alles. De reden daarvoor maakte veel goed; ze waren vandaag aan het opnemen! Het was een erg vreemd idee dat al die acteurs en actrices die ik elke week op tv zie, nu een eindje verderop bezig waren met scènes opnemen die ik over een paar maanden zou zien. Die avond kwamen Maite en ik er trouwens achter dat Eva bevriend is met Marcia Cross (oftewel Bree) en ik kan niet ontkennen dat we onder de indruk waren – wat Eva natuurlijk nergens op vond slaan. Altijd leuk om achter zoiets te komen!
Na de toer liepen we het park door en gingen in meerdere attracties en naar meerdere shows. Één show was een groot spektakel: een soort filmscène over een wereld waarin alle land is verdwenen en men gebouwen heeft weten te creëren op het water. Natuurlijk waren er ook bad guys, vechtscènes, explosies en mensen die in brand van hoge gebouwen afsprongen het water in – erg indrukwekkend.
De leukste rit vond ik toch zeker the Simpsons Ride 4D. Het voelt net een achtbaan, maar eigenlijk beweegt je karretje alleen op en neer – je rijdt dus niet echt. Doordat er om je heen een gigantisch scherm is, voelt het alsof je echt een achtbaan afdendert, door de lucht vliegt, door Springfield heensuist, naar beneden valt en weer omhoog getrokken wordt. Heel erg leuk! We zijn er twee keer ingegaan.
Maite en ik gingen ook naar een show genaamd Meet the Animal Actors. In veel films spelen ook dieren mee, denk Evan Almighty, en die moeten natuurlijk zo getraind zijn dat ze met de acteurs mee kunnen werken. Het was erg leuk om te zien hoe ze de vogels hebben getraind, om te kijken hoe een aap de andere dieren belachelijk maakte en om de honden met gemak hindernisbanen te zien afleggen. Omdat Maite en ik Front of Line passes hadden, mochten we ook twee van de dieren ontmoeten. Een erg lieve hond, die speelt in Beverly Hills Chiuaua – een film die Maite en ik nu zeker gaan kijken – en een klein vosje, die nog in training is.
Rond vijf uur waren we uitgeput en was het tijd om naar huis te gaan. Maar de dag was nog niet afgelopen. Eva had op het laatste moment kaartjes voor ons geregeld om naar the Walt Disney Concert Hall te gaan in downtown LA. Die avond trad een beroemde Portugese zangeres genaamd Mariza op. De zaal en het gebouw waren allebei erg mooi en Mariza kan prachtig zingen. Het meest bijzondere van het optreden was aan het einde. Ze zette haar microfoon uit, de gitaarspelers haalden hun instrumenten van de versterkers en ze begonnen te zingen en te spelen. Door de akoestiek in de zaal kon je hun nog erg goed horen en het klonk prachtig.
Onze laatste echte dag in Los Angeles besloten Maite en ik in Beverly Hills te blijven en rustig aan te doen. We hadden namelijk een actief weekend voor de boeg. Met boeken en mijn laptop vonden we de Starbucks op Beverly Drive en gingen in de zon zitten. Op een gegeven moment liep er een vrouw langs met een kind in haar armen. Achter haar aan liep een man met een videocamera en een man met een fotocamera, overduidelijk paparazzi. Vermoedelijk hebben we Jessica Alba gezien; zonnebrillen zijn tegenwoordig zo groot dat je het nooit zeker kan weten. In Los Angeles is het haast vanzelfsprekend dat je op een gegeven moment een beroemdheid tegenkomt, maar ik vind het wel erg grappig dat we niet zeker weten wie we hebben gezien. Het kan mij niet echt iets schelen of we nou iemand hebben gezien en wie die persoon was, we zaten gewoon lekker in de zon een cappuccino te drinken. Heerlijk – of er nou toevallig een beroemdheid langsloopt of niet.
Party is over: Emergency Room
En toen werd ik ziek. Heel ziek. Zo ziek ben ik nog nooit geweest. Ik voelde me zondag al niet helemaal lekker, maar ik ging ervan uit dat het iets te maken had met al het gefeest. Toen ik maandagochtend wakker werd, kon ik niks. Ik ben op Maite’s bed gaan liggen en heb de hele dag geslapen.
Zo ging het drie dagen door. Ik sliep dag en nacht, had koorts, een verstopte neus, spierpijn, keelpijn, kon niets eten en voelde me ronduit beroerd. Ik kan niet eens beschrijven hoe beroerd ik me voelde. Op de derde dag besloten Maite en mijn moeder dat het tijd was om naar een dokter te gaan. De campusdokter mocht mij niet behandelen, maar gaf een lijst met adressen. We kozen de dichtstbijzijnde, maar hadden nog steeds het probleem van: hoe komen we er? Ik was eigenlijk te ziek om uit bed te komen, laat staan om naar het ziekenhuis te lopen. Gelukkig kent Maite mensen met auto’s en ze begon rond te bellen. Dorenz, een internationale student uit Zimbabwe, vond het gelukkig geen probleem om ons te brengen. Toen we parkeerden en ik zag dat we de Emergency Room van een ziekenhuis ingingen, vond ik het opeens best eng.
Binnen kreeg ik een wit polsbandje met mijn naam om en moest ik vragen beantwoorden, mijn bloeddruk laten opnemen, bloed afgeven en moesten ze met een eng wattenstaafje in mijn neus. Ik voelde me terwijl dit allemaal gebeurde heel afwezig en duizelig. Ik liet alles over me heen komen en probeerde op te letten, maar het enige wat ik wilde was slapen.
Het echt verschrikkelijke begon pas na de tests. Wachten in een wachtkamer die denk ik erg vergelijkbaar is met hel. Een huilende baby, veel zieke hoestende mensen en walgelijke talkshows zoals Jerry Springer op de achtergrond. Ik wilde stilte en een bed. Godzijdank werd mijn naam na een half uur al geroepen en werden we door een deur geleid naar een stille deel van het ziekenhuis. Ik zat net in de behandelkamer toen de verpleegster terug kwam. Er was een foutje gemaakt en ik hoorde hier niet. In dit deel – the express part of the hospital – werden alleen bepaalde gevallen behandeld. We moesten terug naar de wachtkamer; ik kon wel huilen.
Drie uur lang hebben we daar gewacht en ondertussen waren Maite en ik erg bang dat we hier de rest van de avond zouden zitten. Een paar van de mensen in de wachtkamer waren er al zes uur! Gelukkig kwam dezelfde verpleegster weer terug en zei nogmaals mijn naam. Dit keer was het gelukkig geen foutje. Haar supervisor vond het erg vervelend dat ik eerder was teruggestuurd en zolang had moeten wachten. Het was nu rustiger in de ‘express’ deel van het ziekenhuis en één van de dokters zou me behandelen.
Ik wist zeker dat ik griep had. Alles wees ernaar. Maar de dokter zei dat ik negatief was voor de twee meest voorkomende griepvirussen. Misschien had ik een mild griepje of was ik goed verkouden, maar de echte reden dat ik zo ziek was, was omdat ik een infectie had. HE?!
De dokter vond het ernstig genoeg om mij meteen aan een infuus met antibioticum te zetten en ook een infuus om me weer te hydrateren. Ik liet het weer allemaal over me heenkomen. Zodra het infuus begon, voelde ik me al beter. Het uitgeputte gevoel verdween; ik was nog steeds ontzettend moe, maar ik had nu niet het gevoel dat ik meteen moest slapen. Wat een opluchting. Het infuus duurde twee uur en toen mocht ik weg. Maite had ondertussen gelukkig al iemand gevonden om ons op te halen en Ben reed meteen met ons langs de apotheek om mijn medicijnen op te halen.
Ondertussen heb ik al bijna mijn antibioticumkuur van tien dagen voltooid en ik voel me alweer helemaal beter. (Geen zorgen Marleen, ik maak de kuur sowieso af!) De eerste paar dagen voelde ik me nog vaak duizelig en lichthoofdig, maar nu helemaal niet meer.
Het was erg vervelend om zo ziek te worden tijdens mijn reis. Opeens viel het me op hoe ver van huis ik was en kreeg ik erg veel last van heimwee. Maar ik heb door dit hele gebeuren wel beseft hoeveel geluk ik heb met mijn gezondheid. Ongeveer vier dagen lang kon ik helemaal niks, niet eens tv kijken of lezen. Ook was ik compleet afhankelijk van anderen om voor me te zorgen en zelfs om beslissingen voor me te nemen, zoals de beslissing om naar het ziekenhuis gaan. De heimwee, het gevoel van machteloosheid en natuurlijk het ziek zijn zelf waren allemaal verschrikkelijk, maar dankzij een paar mensen werd het me wat makkelijker gemaakt. Kens, bedankt voor je lieve mailtjes. Nicole, thanks for the medicine! Mam, bedankt voor de beslissingen nemen. En Maitie: bedankt voor al je hulp en zorg.
Winthrop University: One Big Party
Maite en ik werden dinsdagavond in haar dormroom alweer herenigd. Ik was natuurlijk heel benieuwd naar de campus waar zij nu al zeven maanden woont, maar helaas was het al donker en zou het zien van Winthrop University moeten wachten tot de volgende dag. En die begon al best vroeg met het geluid van een wekker en het besef dat ik naar de les moest. Naar de les!
De dag begon met psychologie en ik kon natuurlijk niet door psychologie heen slapen. Gelukkig ben ik meegegaan, want het heeft bevestigd dat psychologie toch echt voor mij bestemd is. De professor vertelde over de verschillende fases van slaap en over wat voor een invloed die hebben op het bewustzijn van de mens. Ik heb braaf aantekeningen gemaakt en kreeg zin in volgend jaar.
Filosofie was Maite’s tweede les en dat vond ik ook interessant. Het was wel moeilijk te volgen, omdat ik alle voorgaande lessen had gemist, maar ik deed mijn best. De professor legde een som genaamd Hedonic Calculus uit. Het is een som die je kunt toepassen om beslissingen te maken. Je moet voordelen afwegen tegen nadelen door bepaalde waarden als: hoeveel je van X zou genieten, hoe lang je van X zou genieten, of X anderen positief of negatief zou beïnvloeden, bij elkaar op te tellen. Het hoogste antwoord geeft aan waar je voor moet kiezen.
Digitale fotografie was vooral geweldig omdat ik het onderwerp ben van Maite’s huidige project. In New York heeft ze allerlei foto’s van mij genomen – vandaar dat ik ook redelijk een aantal dramatisch geposeerde foto’s op picasaweb heb staan – en heeft daar vier van gekozen. Die heeft Maite zo bewerkt dat de beweging van de stad duidelijk naar voren komt en het resultaat is erg goed – al zeg ik het zelf.
Nutrition was de laatste les van de dag. Ik kan niet zeggen dat ik hier heel geïnteresseerd in was. Het was voornamelijk herhaling en ging over mineralen waar ik nooit van had gehoord. Een kort debat over het gevaar van veganisme vond ik wel weer boeiend.
Class is out! Nu kreeg ik van Maite een rondleiding over de campus. Ik vind dat Winthrop lijkt op een typisch Amerikaanse universiteit: zo één die je ziet in series en films. Mooie bomen en grasveldjes, grote bakstenen gebouwen met indrukwekkende witte zuilen en hoge ramen en natuurlijk overal studenten. Heel mooi.
Jullie hebben de titel al gelezen: One Big Party. Nou, als je klaar bent met de volgende deel doorlezen, zul je begrijpen waarom. Ik heb het in mijn Zuid-Afrika blogs al gehad over die-hard uitgaan: hier in Rock Hill, South Carolina kunnen ze er zeker ook wat van.
Woensdag: naar Suite. Eindelijk weer een keer uit dansen. Het feestje begon bij Meghan, één van Maite’s vrienden. Zij wordt de international mommy genoemd, omdat ze al 21 is en optrekt met alle internationale leerlingen. In haar kamer waren Hien, een Vietnamees meisje, en Vishal en Preetham, twee Indiase jongens. Na een poos te hebben gelachen, liepen we met z’n alleen naar de partybus die ons naar Charlotte zou rijden. Daar ontmoette ik Sultan, een knettergekke Arabier, een paar van de Franse meisjes, een Zweeds en Oostenrijks meisje en een paar Amerikaanse studenten. Met harde muziek op de achtergrond reden we naar Suite, een club in Charlotte, waar we urenlang hebben gedanst. Mijn voeten deden pijn, maar het was erg leuk.
Donderdag: naar Scandals. Het is een kleinere club dichtbij de universiteit, die door iedereen omschreven wordt als sketchy. Dat gevoel had ik niet echt, ik vond het meer deserted. Er. Was. Niemand. Hooguit vijftien mensen. Maar gelukkig vonden wij een groep leuke mensen om ons mee te vermaken. Eersten speelden we pool met Joshua, Ben en Vishal, allemaal vrienden van Maite en daarna gingen we dansen. Joshua en zijn vriend Andrew zijn belachelijk goede dansers en één van de Franse meisjes ook, dus het was heel erg leuk om naar hen te kijken. Maar verlaten is verlaten, dus we besloten met z’n allen naar iemands huis te gaan. Daar aangekomen leerde ik een spel genaamd beerpong spelen: een pingpongbal van een afstandje in één van de zes bekers op tafel gooien. Als iemand van het andere team een beker raakt, moet je een slok van je bier nemen. Het was hilarisch. Ook de namen van de teams verzinnen was erg leuk: Team Island Samba, Team America, Team Kamasutra.
Vrijdag: naar the French House. Laat ik op dit punt even zeggen dat ik nog nooit meer dan twee nachten achter elkaar ben uitgeweest, dus het was op zich al een ervaring om nog een avond uit te gaan. The French House is een huis waar een deel van de Franse studenten in wonen en zij geven allerlei thema feesten. Nu was er een Tropical Theme, dus met een jurk, bloemenketting en zonnebril, waren we er weer klaar voor. Hier hebben we echt veel plezier gehad met de Franse meisjes, Hien, Vishal, Sultan, Joshua, Andrew en een paar van de Franse jongens.
Zaterdag: terug naar Scandals. Maar dit keer had een van de fraternities een pageant in Scandals. Inclusief avondkledingronde, zwemkledingronde, talentronde en vragenronde. We hebben keihard gelachen, maar ook vaak walgend toegekeken. Sommige jongens weten niet wat een zwembroek is en zeker niet wat talent inhoudt. Maar er was ook een jongen die heel mooi gitaar speelde en erbij zong en iemand die een geniaal zelfgeschreven gedicht voorlas.
Begrijp je nu wat ik bedoel met one big party? De reden dat ik die nachten heb overleefd, is omdat Maite en ik uitgebreid uitsliepen ’s ochtends (en ’s middags) en vervolgens de rest van de dag liggend in de zon op een grasveld doorbrachten. We wisselden wel van grasveld en één dag brachten we door op het grasveld naast het meer, maar het was een te ontspannend ritueel om van af te wijken. En ik kon dus overdag goed bijkomen: slapen, lezen, muziek luisteren. Zodat ik ’s avonds weer als een Winthrop student kon feesten.
Ruth Aaron
In Boynton Beach, Florida woont de oudste lid van de Suransky familie: mijn 97-jarige oud-tante Ruth Aaron. Mijn vader wilde heel graag dat ik, ergens tijdens mijn maand in New York, naar Florida zou vliegen om haar op te zoeken. Ik besloot om te gaan; het was iets wat ik voor hem en haar wilde doen. Uiteindelijk ben ik mijn vader erg dankbaar dat hij mij heeft gepusht om te gaan – het was een ervaring die ik nooit zal vergeten.
Aunty Ruth heeft een ongelooflijk leven gehad. Ze heeft zoveel gereisd, zoveel mensen ontmoet, zoveel meegemaakt. Fantastische ervaringen, maar ook ervaringen zo onvoorstelbaar oneerlijk en zwaar dat ik er stil van werd. Haar leven is net een roman en het meest bijzondere is dat ze op 97-jarige leeftijd nog steeds elk hoofdstuk herinnert. Mijn oud-tantes geheugen is beter dan die van mij – ja echt, ik meen het! En dat is een waar geschenk voor iemand die zo een bijzonder leven heeft geleid. Ik ben haar ontzettend dankbaar dat ze haar verhalen met mij heeft gedeeld. En nu wil ik ze graag met jullie delen.
Tijdens mijn korte verblijf hebben we vele uren gepraat en heb ik vele vragen gesteld. De antwoorden waren zo krachtig dat ik, eenmaal terug in mijn eigen kamer, meteen zoveel mogelijk van haar woorden heb opgeschreven. Ik wil ze niet vergeten.
Mijn oud-tante woonde in Duitsland toen hitler aan de macht kwam en de verschrikkingen van de Tweede Wereld Oorlog begonnen. Ze was een joodse vrouw, getrouwd met een joodse man en was dus niet veilig. Op een dag werd haar man meegenomen door de Gestapo en naar een concentratiekamp gebracht. Het was toen nog onduidelijk wat er precies aan het gebeuren was, maar mijn oud-tante wist meteen dat ze alles op alles moest zetten om hem zo snel mogelijk terug te krijgen. Hieronder zal ik delen van ons gesprek overtypen.
‘There was an American lawyer who was in cahoots with the Gestapo. A friend of mine told me about him and I went to see him right away – that same evening. There where many woman there, waiting to see him, they all needed his help. And I spoke to him and he told me:
“I know where your husband is.” I wanted to know in which concentration camp, but the American lawyer said I didn’t need to know: “A camp near Berlin” is all he would say.
He asked for $1000 in advance and to receive another $1000 when I had my husband back. But I didn’t have that kind of money. Our bank accounts had all been frozen by the Gestapo.
My mother-in-law came then and she had taken all her money, all of it, out of her bank in Frankfurt. Then we sold all the jewellery we had. Now she had all that money and we had to keep it on our bodies, because if they found it… All that money, so much money, it was all in our pockets. The lawyer became very wealthy, he became a rich man.
Once I had given him the money, he gave me a lot of tasks. I had to run around the city to meet people and talk to them about everything. To arrange everything.
Then one day I was ordered to the Gestapo. I was very afraid, because you know, many people went and didn’t come back. But I went and I took all my papers with me.
While I was sitting there waiting it was horrible. There was an elderly lady who was crying and crying and the officer was screaming at her. And she kept on crying and crying. All I could think was: I am next. I was very afraid. But when he saw me his whole attitude changed. He was very nice. The first thing he did was look me up and down and then he said: “You are not a Jew, right?” I was young and I had blond hair and blue eyes, he could not believe I was a Jew. I showed him my papers and he said: “Your husband will be out of the camp in a few days.” I felt my heart flutter and I was so very happy. I left the Gestapo’s office and I wanted to buy a chicken. I wanted to make chicken soup for my husband for when he came back home to me.
The day came that he was supposed to arrive and I waited and waited. I sat at the window overlooking the courtyard and was so full of hope. I waited the whole day. When it became dark, I grew very worried. Then a man walked over the court yard and I though: that must be him, but he looked so different. I wouldn’t have recognized him on the street for now he was pale and thin and looked unhealthy. So different.
My husband was extraordinarily grateful to have been let go. He said something to me that I will never forget: “One more day and I would have walked into the electric fence. Like the others.” One more day, I thought.
We now needed to leave Germany. My brother and sister where in South Africa and wanted us to join them, but we couldn’t. Getting entrance to South Africa would have taken years. Finally we got on a boat to the United States. This boat left from Holland and we stayed with friends there for a while. This was before Holland was taken and I said to my Jewish friends there: “Leave now, leave with us. They will come to Holland.” And they replied: “Never, they will never come to Holland.”
The boat trip was horrible, but our arrival was something else. I remember seeing the Statue of Liberty and understanding that it meant we had made it out. That we were safe.
Ik heb urenlang sprakeloos naar haar verhaal geluisterd. Soms was ik zo ontroerd dat ik tranen in mijn ogen had. Ik vind het ontzettend bijzonder dat ik vragen heb kunnen stellen aan een (joodse) persoon die het begin van de Tweede Wereld Oorlog echt heeft meegemaakt. Hoeveel mensen krijgen de kans om het verhaal te horen van degene die er werkelijk bij was? Het was een gesprek die ik mij altijd zal herinneren, over een periode in de geschiedenis die wij samen nooit mogen vergeten.
Mom and the City
Tijdens mijn reis bezoek ik veel vrienden en familie, maar afgelopen week was ik juist degene die bezocht werd. Van 13 februari tot 20 februari bezocht mijn moeder mij in New York City en het was fantastisch.
Al jaren is het zo dat als ik op de terugweg van een reis ben, ik zeker weet dat mijn moeder op Schiphol staat om mij te verwelkomen. Maar het komt zelden voor dat ik degene ben die in de aankomsthal zit te wachten en ik vond het hoog tijd om dat weer eens te doen. Dankzij de subway en de airtrain kon ik ervoor zorgen dat ik ruim op tijd bij Arrivals in John F. Kennedy Airport stond. Terwijl ik daar zat, bedacht ik mij dat deze 2,5 maand waarschijnlijk het langste is geweest dat ik mijn moeder niet heb gezien en ik werd opeens heel ongeduldig. Allemaal mensen zwaaiden opgewonden, renden om het hek heen om hun familielid of goede vriend te omhelzen en ik bleef maar zoeken, ogen op de deuren gericht. Totdat eindelijk mijn eigen moeder door de deuren liep en zoekend om zich heen keek. YES, HIER BEN IK!
We hebben samen een ontzettend leuke week gehad. Naast velen uren doorbrengen in Barnes & Noble, hebben we ook de Guggenheim Museum bezocht; waar de tentoonstelling Artists Contemplating Asia te zien was, zijn we heerlijk uit eten geweest, maar hebben tevens heerlijk binnen gegeten bij Shael en Brie en bij Linda, Brie’s moeder. Natuurlijk heb ik mijn moeder ook the Tea Lounge laten zien en hebben we daar lang gepraat met een kop koffie in de hand. En het was bovendien tijdens deze week dat ík voor het eerst mijn moeder heb getrakteerd op een diner in plaats van andersom, in een leuke Italiaanse restaurant genaamd Al dí La.
Het meest bijzondere wat we tijdens mijn moeders verblijf in NYC hebben gedaan, was zeker met the Staten Island Ferry heen en weer gaan. De ferry is voornamelijk voor mensen die in Manhatten werken maar op Staten Island wonen en dagelijks dus heen en weer moeten. Maar eigenlijk zou iedereen zo nu en dan de korte reis moeten maken, het is prachtig en bovendien: het kost niets! We gingen meteen het boeg op en werden zowat omver geblazen, maar lieten ons niet afgeschrokken door de sterke en koude wind. Zodra we een eindje hadden gevaren, waren we allebei erg onder de indruk van het uitzicht. Niet alleen was de lucht prachtig door de zonsondergang, maar we hadden nu een perfect zicht op wat we achter ons lieten. De onvoorstelbare skyline van Manhattan en daarnaast de wat meer bescheiden Brooklyn. Het was zo mooi, maar daar bleef het niet bij. We vaarden namelijk langs the Statue of Liberty. Ik beken dat ondanks dat ik al meer dan een halve maand in New York heb gewoond en twee zomers geleden hier een paar weken heb doorgebracht, ik nog nooit Lady Liberty heb bezocht. Dus ik was blij haar eindelijk eens gezien te hebben, zeker tijdens zo een spectaculaire zonsondergang. The Staten Island Ferry is dus simpelweg een must als je New York bezoekt.
Op mijn moeders laatste dag besloten we in Brooklyn te blijven en hier 5th avenue af te lopen. The 5th avenue in Manhattan is erg berucht en beroemd, maar ik moet zeggen dat de 5th avenue van Brooklyn mij toch meer aanspreekt. Het zit vol kleine, unieke winkels waar prachtige kleren, vintage en modern, en allerlei andere schatten te vinden zijn. In een jurkenwinkel genaamd Teddy’s kocht mijn moeder voor mij het mooiste zwarte jurkje die ik ooit heb gezien en het verwennen hield daar niet bij op! In een beauty lounge genaamd Element had ze geregeld dat we een manicure en pedicure zouden krijgen. Zoals vele van jullie weten: ik heb iets tegen voeten – vraag me niet waarom – maar ik maakte me dus lichtelijk zorgen. Nou ik was er gauw overheen, je zit in een massagestoel, je ene voet zit in een minibubbelbad en je andere voet wordt gemasseerd. Wie heeft dan tijd voor een voetenfobie? Het was heerlijk om zo vertroeteld te worden en het resultaat is prachtig.
Helaas was het toen tijd om afscheid te nemen. Mijn moeder werd opgehaald in een chic zwarte auto om naar JFK te worden gereden en na een knuffel en een kus verdween ze achter de getinte ruit. Het was erg verdrietig om haar te zien vertrekken, het huis voelde meteen een stuk leger, maar het was geweldig dat ik een week van mijn wereldreis met mijn moeder kon delen.
Nevada Dan
Wanneer je een wereldreis maakt, kun je verwachten dat je onderweg allerlei verschillende soorten mensen ontmoet. Maar eergisteren heb ik toch wel een erg aparte ontmoeting. Zo apart dat ik het wel een blog waard vind.
Ik was voor een paar dagen bij Sasha en omdat hij geen extra sleutel voor mij had, kon ik kiezen tussen de hele dag binnen zitten, of de hele dag buiten zijn. Dus met mijn laptop, portemonnee, metropas en een boek trok ik erop uit. Na een poos ronddwalen, besloot ik om in de Starbucks op Union Square te gaan schrijven. Maar ik werd na een half uur al afgeleid door een groep mensen die voor het raam stonden. Ze stonden allemaal om een man in een zwart pak met een rode das heen en leken nogal onder de indruk te zijn. Het duurde even, hij stond met zijn rug naar mij toe, voordat ik doorkreeg dat de man met de rode das aan het goochelen was. Na eventjes vanuit het raam te hebben toegekeken, ging ik verder met schrijven en besloot om mij pas bij de groep mensen aan te sluiten wanneer ik klaar was in de Starbucks.
Maar na driekwartier had hij al vier groepen mensen om zich heen gehad en ik bedacht me opeens dat ik hier wel uren zou kunnen blijven schrijven en hij dan misschien al weg zou zijn. En ik was toch wel benieuwd naar waarom iedereen bleef staan. Dus ik pakte mijn camera en een dollar en liep naar buiten om me voor te stellen. De goochelaar stelde zichzelf voor als Nevada Dan en vond het alleen maar leuk dat ik een filmpje wilde maken. Na lachend te hebben toegekeken hoe hij een munt voor mijn ogen liet verdwijnen en hij mijn queen of spades probleemloos tevoorschijn toverde, vroeg hij of het goed was of hij een kop koffie met me kwam drinken binnen. Waarom niet? dacht ik. Wanneer ga ik anders koffie drinken met een goochelaar?
Zijn echte naam is Daniel Davenport, hij is een vijfentwintigjarige goochelaar/acteur/schrijver, een mengelmoes zoals zoveel acteurs hier in New York. Hij komt oorspronkelijk uit Reno (vandaar Nevada Dan), maar woont al een hele poos in Manhattan en Union Square is zijn podium. Voorlopig?
Op een geven moment hadden we het over boeken en toen over onze favoriete kinderboeken. Degenen van jullie die mij goed kennen, weten dat Dr. Seuss’ The Lorax mijn lievelingskinderboek allertijden is. Daniel had het over een schrijver genaamd Shel Silverstein en diens boek The Giving Tree, waarvan ik nog nooit had gehoord. Dus staken we het plein over en gingen Barnes en Noble binnen. Het is normaal om daar een boek te pakken en te gaan lezen, de medewerkers vinden het best, zolang je maar niet voor een boekenkast gaat zitten. Dus we lazen The Giving Tree en The Lorax aan elkaar en drie nieuwsgierige kinderen voor – als je die boeken nog niet hebt gelezen, zoek ze dan in de volgende boekenwinkel die je ziet even op, ze zijn het waard! Daarna gingen we $1 pizza halen een paar straten verderop. Onderweg bleef Daniel af en toe staan om te goochelen en het was ontzettend leuk om te zien hoe eerst één persoon twijfelend blijft staan. En dan nog iemand. En dan een groepje vrienden. En voor je het weet staat er weer een kring nieuwsgierige toeschouwers om hem heen. Aan het einde van een ‘optreden’ zegt hij altijd:
‘The end of the show is near and even though it was a free show, I am going to tilt my hat to you. If you enjoyed yourself, please let my hat know.’
Ik was verrast om te zien hoeveel mensen iets geven en hoeveel hij uiteindelijk binnen een uur verdient. Dat had ik niet verwacht.
Uiteindelijk hebben we de rest van de dag doorgebracht met door Greenwich Village en Chelsea lopen en zijn daarna terug naar the Starbucks gegaan. Het was een onverwachte ontmoeting dat leidde tot een onverwachte, maar ook erg leuke dag.
Als je ooit in New York bent, ga eens kijken bij the Starbucks op Union Square.
Durban vs. New York
Durban was wederom fantastisch. Zo fantastisch dat het vertrekken vergelijkbaar was met mijn afscheid op Schiphol. Het is moeilijk om mensen waar je veel van houdt achter te laten en al helemaal als je niet had verwacht dat het zo moeilijk zou zijn. Hannah en ik zijn in een korte tijd terugveranderd in beste vriendinnen en, cliché of niet, haar huis voelde aan als mijn huis. Durban gaf mij het ene na het andere geweldige ervaring en ik heb van elk seconde genoten. Hier zijn mijn dagen (en nachten) in Durban:
Rondrijden met Hannah als chauffeur – wandelen door the Bontanical Gardens – zonnen op het strand en springen in de golven – kingsen met maffe regels – boeken verslinden – go-karts racen – vaak en lang uit dansen gaan – leuke jongens ontmoeten – wakker worden met een flensjesontbijt, gebakken door Tania en Dale – meezingen met Hannah’s Lion King pianospel: Hakunu Matata – maffe pruiken en andere vermommingen uitproberen bij Everlasting – Chicken Curry poging 3 maken – wegvliegende parasols vasthouden – cocktails drinken bij the Beach Club – aan mijn nieuwe roman werken – op mijn laatste nacht zingen en dansen op Mamma Mia, Moulan Rouge en the Spice Girls op het nieuwe balkon en dan, onvermijdelijk, afscheid nemen.
Durban en ik klikten, ik voelde me er echt heel goed, maar het was tijd voor deel twee van mijn wereldreis. Farewell South-Africa, United States of America: here I come. Of beter gezegd: here I am. Brooklyn, New York is al precies een week mijn voorlopige thuis en tot nu toe geniet ik er erg van. Het is, vanzelfsprekend, anders dan Zuid-Afrika. Het verschil in weer is allereerst overduidelijk: Durban was zonnig en warm en New York is ijzig en koud. In Durban was alles erg relaxt, hoe laat het precies was leek niemand iets te schelen. Hier in New York gaat alles drie keer sneller en draagt iedereen een horloge, om het maar zo te zeggen. Maar ik niet. Ik heb een hele maand om op mijn eigen tempo te doen waar ik zin in heb.
De eerste dagen heb ik me vooral beziggehouden met Manhattan en mijn dure metropas: Soho, Greenwich Village, Upper Midtown, Lower Midtown, Chelsea en the East Village. Ook heb ik veel gelopen op de lange straat die dwars door heel Manhattan gaat: Broadway. En veel gewinkeld op die straat… want ik kan natuurlijk niet in Zuid-Afrikaanse korte broeken en hemdjes rondlopen terwijl het sneeuwt. Naast me in Manhattan bevriezen, breng ik veel tijd door in the Tea Lounge hier in Brooklyn. Een erg leuke café met een erg huiskamerig gevoel. Al zullen niet veel huiskamers dertig mensen met laptops in zich hebben. Ik vind het best, mijn laptop en ik passen er prima tussen en het is de ideale plek om zonder afleiding te schrijven. Met hulp van warme chocolademelk en een muffin natuurlijk.
Afgelopen woensdag ging ik samen met Brie, Shael, Sasha en zijn vriendin Nadija naar een dinner party in Manhattan. En ik ben er nog steeds niet overheen hoe pretentieus dat klinkt – haha. Ik heb heerlijk gegeten en ontzettend genoten van het gezelschap. Bijna alle aanwezigen waren acteurs, het waren Brie’s vrienden en zij is actrice, en ik heb gemerkt dat acteurs zich helemaal inleven als ze een verhaal vertellen. Dus ik heb ontzettend veel dubbel gelegen.
Van het weekend had ik nog een Manhattanse avond uit. Eerst gingen Shael, Sash, Brie en ik uit eten bij een hele goede Chinese restaurant, met een vijver vol prachtige koi’s op de benedenverdieping. Daarna gingen we naar een Franse film, genaamd The Class of Entre les murs. Het was een erg mooie film, heel realistisch en zeker een aanrader. Maar de nacht was daarmee nog niet ten einde. Sasha en ik haalden Nadija op en gingen naar het eerste feest van de avond. Het was bij één van Sasha’s vrienden en verschilde veel van de Durbanse feesten. Geen gedans, veel gepraat. Leuk, maar we besloten door te gaan naar feest twee. Het enige probleem was dat Nadija’s vriendin haar feest vierde in een club. En ik ben nog geen 21… Het plan was om een ID te lenen van iemand binnen, dus Nadija ging op onderzoek uit terwijl Sasha en ik pizza aten om de hoek. Helaas bleek dat haar vriendin het feest op het laatste moment had verhuisd en we konden haar niet bereiken. Dus het is me nog niet gelukt om voor 21 door te gaan. Volgend weekend misschien?
New York voelt dan misschien wel aan als een compleet andere wereld dan Durban, maar dat maakt niet dat de één beter of slechter is. Ze zijn anders en het is even wennen. Maar ik weet nu al dat mijn weken hier geweldig gaan worden.